Alle berichten van John Wennips

Lampas – symboliek

Symboliek

Hoewel het logo een harmonieus en samenhangend geheel vormt, komen de afzonderlijke elementen (de tekst ‘lampas charitatis’, een olielamp in de vorm van een vis, de chi-rho ☧ en de tau τ ) hier op unieke wijze samen. Elk element heeft een eigen, gelaagde betekenis.

LAMPAS CHARITATIS

Deze Latijnse frase betekent zoiets als ‘licht der liefde’. Hoewel het concept bekend is binnen het Christendom, komt deze verwoording niet vaak voor. Een waarschijnlijke oorsprong is het antifoon van de Magnificat dat wordt gezongen tijdens de eerste vespers van het feest van Sint Willibrord; hij is de beschermheilige van de aartsdiocese van Utrecht, waaronder Zwolle valt [1].

‘Liefde’ is hier niet de romantische, maar de naastenliefde. Paulus vertelt in 1 Korintiërs 13:7 over de liefde: “Alles verdraagt ze, alles gelooft ze, alles hoopt ze, in alles volhardt ze” (NBV21). Hij omschrijft een naastenliefde die eeuwig en onveranderlijk is; eigenlijk het tegenovergestelde van een vlam, die juist veranderlijk is en kan uitdoven. In het logo is echter die eeuwigdurende, volhardende vlam te zien: gemaakt van koper, en stevig vastgemaakt in de muur, zodat de lamp altijd brandt.

Deze omschrijving van liefde is tevens een connectie met de Zusters van Liefde, de Zwolse congregatie die in het klooster de zieken en gewonden verzorgden; dit klooster is uiteindelijk uitgegroeid tot het Rooms-Katholieke Ziekenhuis De Weezenlanden waarvan dit logo is [2]. Hierover meer op de pagina ‘herkomst’. 

OLIELAMP

Een olielamp werd vroeger gebruikt als draagbare verlichting, en is inmiddels in onbruik geraakt vanwege elektrische alternatieven. Het reservoir in het midden wordt van bovenaf gevuld met brandbare olie. Middels een handvat (in de afbeelding) of een ketting (zoals in het logo; men kon zo de handen vrijhouden) werd het vastgehouden. De olie werd via het mondstuk aangestoken, waar vervolgens een vlam ontbrandde.

In de afbeelding is Florence Nightingale (1820-1910) te zien met zo’n lamp. Haar bijnaam is ‘The Lady with the Lamp’, omdat zij ‘s nachts met lamp de ronde deed langs de zieken [3]. Daarom heeft de olielamp een connectie met de verpleging. 

Er is echter ook een Bijbelverhaal waarin de olielamp voorkomt. In 2 Koningen 4:1-7 wordt het verhaal van Elisa en de arme weduwe verteld. Haar overleden man had schulden achtergelaten, en nu kwam de schuldeiser haar twee kinderen als slaven meenemen. Elisa, een profeet, vraagt haar wat ze thuis nog heeft staan; ze heeft alleen een kruikje olie. Elisa draagt haar op om bij haar buren zoveel mogelijk lege kruiken en kannen te verzamelen en daar haar kruikje in leeg te gieten. Pas toen ze allemaal gevuld waren, stopte de olie uit haar kleine kruikje met vloeien. Door die olie te verkopen kon ze de schuldeiser afbetalen, en hield ze zelfs nog geld over om voor haar kinderen te kunnen zorgen. 

CHI-RHO EN TAU

Nog meer Christelijke symboliek zit verstopt in de twee uitgesneden symbolen. De meest opvallende, de chi-rho, is in het midden te zien. Het zijn de eerste twee letters van de naam van Christus, in het Grieks gespeld: χριστός (‘Kristos’). Ook de tau is een Griekse letter, maar is hier geen afkorting maar een alternatieve weergave van het Kruis. In het logo is de tau naar links gekanteld; de lange, middelste uitsnede is de verticale staander van de T, en de kieuw van de vis vormt de horizontale balk. De twee ‘haakjes’ aan de uiteinden hiervan zijn decoratief. Het tau-kruis (ook wel het Sint-Antoniuskruis of de crux commissa) en de chi-rho zijn onder het bewind van keizer Constantijn populaire symbolen van het Christendom geworden [4].

Kruisiging op een Tau-kruis.

In dit logo komen dus meerdere, overwegend Christelijke, symbolen samen. Door de connectie met Florence Nightingale en de Zusters van Liefde uit Zwolle is echter de verbinding met de verpleging duidelijk zichtbaar.

Bronnen

Cassell & Company. The lady with the lamp: Miss Nightingale at Scutari (1854). Chromolithografie, kleur. Wellcome Library nr. 9983i, https://catalogue.wellcomelibrary.org/record=b1173874.

Konrad Witz. Christus am Kreuz (c. 1445). Verf op hout. Gemäldegalerie, Berlijn, nr. 02558114. https://www.bildindex.de/document/obj02558114.

  1. A. Klooster, A. Smeets, en P.B. Smits, Willibrord Door de Eeuwen: Botsende Culturen En Wisselende Perspectieven Op de Apostel van de Lage Landen (Abdij Van Berne, 2018).
  2. Zwolle in Beeld. ‘RK Ziekenhuis De Weezenlanden’. Bezocht op 12 oktober 2021. https://www.zwolleinbeeld.nl/index.php/267-foto-s-van-zwolle/zorg-rk-de-weezenlanden/161-zorg-rk-ziekenhuis-de-weezenlanden.
  3. L. Selanders, “Florence Nightingale,” in Encyclopedia Britannica (August 9, 2021), https://www.britannica.com/biography/Florence-Nightingale
  4. De redactie van Encyclopaedia Britannica, “cross,” in Encyclopedia Britannica (5 mei 2021), https://www.britannica.com/topic/cross-religious-symbol.

Lampas – beschrijving

Beschrijving

Het logo is in 1985 gemaakt door dhr. J. Claessens uit Swalmen in opdracht van het ziekenhuisbestuur van RK (Rooms-Katholiek) ziekenhuis De Weezenlanden in Zwolle, naar een ontwerp van J.K.L.M. Clement, bestuurssecretaris van 1947–1962. Zijn inspiratie was een olielampje in de vorm van een Christusmonogram, ontdekt in Zwisterland rond de vierde of vijfde eeuw [1]. De eerste voorwerpen waarop dit logo verscheen zijn de leerlingenspelden van het ziekenhuis; zie hiervoor de sectie ‘herkomst’.

Het meet ongeveer 1 bij 1,5 meter en is vervaardigd uit koper, hoewel de gebruikelijke, rode gloed verhuld is door een donker, mat patina [2]. Het is niet bekend of koper is gebruikt vanwege de antibacteriële eigenschappen van het materiaal en het daaraan gerelateerde gebruik voor bedrails, deurknoppen en steriele instrumenten; het wordt immers regelmatig gekozen voor dergelijke sculpturen.

De huidige positie aan de muur van de basiliek weerspiegelt het oorspronkelijke gebruik als wandstuk; zie hierover de sectie ‘herkomst’. De bevestigingspunten zijn voor de kijker niet te zien, waardoor het een stukje voor de muur lijkt te zweven. 

Er zijn vier afzonderlijke elementen te onderscheiden, waarvan de tekst ‘lampas charitatis’, in hoofdletters, wellicht het meest in het oog springen. De woorden staan ieder op hun eigen regel en zijn vastgemaakt aan de ketting van de olielamp, iets van het midden af, zodat er fysiek en visueel ruimte is voor de vlam die uit de olielamp komt. Deze vlam heeft een geabstraheerde vorm en ziet eruit als een simpel boomblad dat met de punt naar boven wijst, en maakt duidelijk dat de lamp eeuwig aan is. De lamp zelf heeft de vorm van een vis, met twee uitgesneden symbolen: de chi-rho (☧) in het midden, en de tau (τ) verstopt in de kieuwen van de vis. 

Elk element heeft zijn eigen, soms meerdere, betekenissen waardoor het een uniek geheel vormt. Zie hiervoor de pagina ‘symboliek’.

Bronnen

Afbeelding: ‘Lampas Charitatis’, database Kerkcollectie Catharijneconvent, 11 juli 2018.

1. ‘Lampas Charitatis Als Kunstwerk’, z.d. Nieuwsbrief van voormalig ziekenhuis. Kopie op aanvraag.

2. ‘Lampas Charitatis’, database Kerkcollectie Catharijneconvent, 11 juli 2018.

Lampas Charitatis

Lampas Charitatis

Soms staat een bijzondere groep mensen te kijken naar de ruimte boven een deur in een Zwolse basiliek: (voormalige) patiënten en verpleegsters. Boven de deur naar de Ceciliazaal in de Onze Lieve Vrouwe-basiliek, onder een versierde boog, hangt een koperen ziekenhuislogo dat gered is van de schroothoop door de koster van de basiliek en de voorzitter van het kunst- en cultuurcomité. Was het ziekenhuis dan verbonden aan de basiliek? Nee, niet in een institutionele zin. Om te begrijpen hoe het logo daar beland is, en waarom, moet er gekeken worden naar de christelijke symboliek, de lokale geschiedenis van het ziekenhuis, en naar de ervaringen van de mensen die ermee in aanraking gekomen zijn.

Nadia Guntlisbergen, 5 november 2021

Het moge duidelijk zijn dat degenen die het logo nog in het ziekenhuis hebben zien hangen het met die instelling associëren. Voor degenen die de basiliek bezoeken zonder deze voorkennis zal het echter een andere betekenis hebben. Wellicht herkennen zij de Christelijke symboliek, kennen ze genoeg Latijn om de tekst te begrijpen, of misschien zullen zij alleen naar de esthetische kant kijken. Naarmate de tijd verstrijkt zal de verbinding tussen het voormalig RK Ziekenhuis De Weezenlanden en dit logo steeds minder worden, maar het zal altijd blijven refereren aan de brandende vlam van Christelijke naastenliefde die de medewerkers van het ziekenhuis altijd gedreven heeft om hun werk te doen. 

Het moge duidelijk zijn dat degenen die het logo nog in het ziekenhuis hebben zien hangen het met die instelling associëren. Voor degenen die de basiliek bezoeken zonder deze voorkennis zal het echter een andere betekenis hebben. Wellicht herkennen zij de Christelijke symboliek, kennen ze genoeg Latijn om de tekst te begrijpen, of misschien zullen zij alleen naar de esthetische kant kijken. Naarmate de tijd verstrijkt zal de verbinding tussen het voormalig RK Ziekenhuis De Weezenlanden en dit logo steeds minder worden, maar het zal altijd blijven refereren aan de brandende vlam van Christelijke naastenliefde die de medewerkers van het ziekenhuis altijd gedreven heeft om hun werk te doen.

Bronnen

Over de frase ‘lampas charitatis’: Klooster, A., A. Smeets, and P.B. Smits. Willibrord Door de Eeuwen: Botsende Culturen En Wisselende Perspectieven Op de Apostel van de Lage Landen. Abdij Van Berne, 2018. https://books.google.nl/books?id=fa8zEAAAQBAJ.

Een olielamp met hetzelfde monogram als het logo: Lamp met Chi-Rho Monogram, vierde tot zevende eeuw, terracotta, H. 2.8 × W. 5.3 × H. 9 cm (1 1/8 × 2 1/16 × 3 9/16 in.), 1932.56.77, Harvard Art Museums, https://hvrd.art/o/291909.

Een ander Zwols kunstwerk dat een nieuwe plek heeft gekregen: Zwolle in Beeld. ‘Barmhartige Samaritaan’. Accessed 12 October 2021. https://www.zwolleinbeeld.nl/index.php/591-foto-s-van-zwolle/zorg-rk-de-weezenlanden-barmhartige-samaritaan/528-zorg-rk-ziekenhuis-de-weezenlanden-barmhartige-samaritaan.

Een kunstwerk op de plek waar het klooster stond: Zwolle in Beeld. ‘Ode aan de Poorten’. Accessed 12 October 2021. https://www.zwolleinbeeld.nl/index.php/734-foto-s-van-zwolle/straten-en-pleinen-gasthuisplein-kunstwerk-ode-aan-de-poorten/710-straten-en-pleinen-gasthuisplein-kunstwerk-ode-aan-de-poorten.

Koormuur – herkomst

Herkomst

Wat je misschien niet direct van deze tegels zou verwachten, is dat ze sterk beïnvloed zijn door textiel. De tegels imiteren de kwastjes van een wandkleed waardoor het lijkt alsof het hele koor omgeven is door een tapijt. Daarnaast is het heel waarschijnlijk dat de figuren op de tegels geïnspireerd zijn op Perzische zijde.

De oorsprong van de monsterlijke figuren die we in veel Europese kerken kunnen vinden ligt in Perzische zijde patronen. Deze patronen werden in de 10de en het eerste gedeelte van de 11de eeuw via Byzantijnse rijk naar het westen overgebracht. Een voorbeeld hiervan is dit medaillon van een gevleugeld paard uit een oude kathedraal in Campania Italië. Als je dit medaillon vergelijkt met Perzische zijde met gevleugelde paarden dan zie je dat het medaillon duidelijk geïnspireerd is door de zijde. Je kunt ook zien dat veel van de details van de zijde niet terug te vinden zijn op het medaillon. Dit komt omdat de Perzische veel werd gekopieerd in het Byzantijnse rijk, waar ze niet dezelfde skills hadden. Het zijn deze kopieën die voornamelijk in Italië terecht kwamen en ook de inspiratie waren voor de beeldhouwer van dit medaillon. Bijna het hele repertoire van diersoorten en monsters dat te vinden is in italiaanse kerken is oorspronkelijk van Perzisch ontwerp. Invloeden uit de antieke kunst zijn alleen terug te vinden in de weergaven van menselijke figuren. Door de Katholieke kerk zijn de ontwerpen door de rest van europa verspreid. [1]

Zoals je kunt lezen in het gedeelte over Mengelberg, haalden hij net als zijn mentor Franz Bock veel hun inspiratie uit textiel. Daarom is het een zeer reële mogelijkheid dat de figuren op de muur van het koor zijn gebaseerd op textiel dat erg lijkt op het textiel dat de kunstenaar in Campania inspireerde. Maar zelfs als Mengelbergs inspiratie niet rechtstreeks uit een textiel, het is vrijwel zeker dat de werken die hem wel inspireerden, misschien met enkele tussenstappen, Perzische zijdepatronen waren.

Maar de figuren zijn niet de enige manier waarop Mengelberg geïnspireerd is door textiel. De onderste tegels imiteren de franjes van een wandkleed. Deze transformatie van het textielmedium naar een ander medium heeft een lange traditie in kerkversieringen. Het schilderen van gordijnen op muren is niet een nieuwe traditie, het was al gebruikelijk in de klassieke oudheid. Hoewel het aantal overgebleven voorbeelden relatief beperkt is het voldoende is te suggereren dat het concept van het schilderen van gordijnen op muren zowel een aanzienlijke populariteit genoot als een brede geografische spreiding.[2] In de afbeelding is de de Kerk van S. Maria te zien, de onderste helft van de afbeelding toont duidelijk een rij gordijnen, wat veel lijkt op hoe de onderkant van de tegels in het koor een rij kwasten verbeeldt.

Wat wel nieuw is is het gebruik van tegels om gordijnen af te beelden. Een mogelijke verklaring zou kunnen zijn dat Mengelberg altijd al op de een of andere manier een textiel wilde afbeelden en het gebruik van tegels vooral een vertoon van rijkdom was. Of het kan zijn dat hij zich bij het ontwerpen van de tegels heeft laten inspireren door deze middeleeuwse muurschilderingen. Helaas is deze informatie niet bekend.

BRONNEN

Afbeeldingen:

  1. Volbach, W. F. “Oriental Influences in the Animal Sculpture of Campania.” The Art Bulletin 24, no. 2 (1942): 172–80. https://doi.org/10.2307/3046817.
  2. Osborne, John. “Textiles and Their Painted Imitations in Early Medieval Rome.” Papers of the British School at Rome 60 (1992): 309–51. http://www.jstor.org/stable/40311151.

Koormuren – symboliek

Symboliek

Over de symboliek achter de tegels is helaas niet veel bekend, in de database van het Museum Catharijneconvent worden ze beschreven als honden en draken, maar waarom op deze tegels honden en draken staan ​​afgebeeld wordt niet vermeld. De enige beschikbare informatie die zij hebben is dat Mengelberg zich liet inspireren door textiel.

Op de tegels kun je een herhalend patroon van twee verschillende soorten medaillons zien. Elke vier tegels samen vormen of wel een blauw medaillon met 2 honden met een halsbanden met hun lichamen van elkaar af gericht en hun hoofden naar elkaar gericht. Of een rood medaillon met draakachtige wezens in een vergelijkbare positie, hun staarten verstrikt. Het geheel is verbonden met rozetten en andere decoratieve motieven. De muur heeft nog een interessant detail. De onderste vier rijen tegels vormen een patroon dat de kwastjes van een gordijn imiteert. Hierdoor lijkt het bijna alsof het koor omgeven is door een wandtapijt. Dit kwasten patroon loopt door naar de muren van het transept, wat laat zien dat alle muren deel uitmaken van één groots ontwerp.

Een mogelijke verklaring voor de keuze om draken op de tegels weer te geven zou kunnen zijn dat dit verwijst naar de St. Michaël die vaak wordt afgebeeld terwijl hij draken doodt. St. Michaël is de patroonheilige van Zwolle en de zegel van Zwolle toont een afbeelding van Michael die een draak doodt.[1]

Over het algemeen is in het christendom de draak een symbool van het kwaad. In het boek Openbaring 12:9 kan men lezen: “En de grote draak werd neergeworpen, de oude slang die duivel en satan wordt genoemd.”[2] In middeleeuwse bestiarium wordt de duivel vergeleken met een draak, omdat hij de ergste van alle slangen is.[3] Het is een mogelijkheid dat de afbeelding van de draken een herinnering is aan het kwaad.

Dit zou dan ook een verklaring kunnen zijn voor de afbeelding van de honden, in middeleeuwse bestiarium hebben honden het vermogen om wonden te helen door ze te likken, wat zou vertegenwoordigen hoe de wonden van een zonde kunnen worden genezen door te biechten. Verder kunnen honden niet leven zonder mensen en zijn ze loyaal tot aan de dood. In de middeleeuwse kunst worden honden vaak afgebeeld als symbolen van loyaliteit en bescherming.[4] Een mogelijkheid voor het afbeelden van honden naast de draken is dat ze bescherming bieden tegen de draak. Ze zijn een positieve kracht om de negatieve van de draak in evenwicht te brengen. Ze zouden gezien kunnen worden als een vorm van bescherming van de heilige ruimte van het koor.

Het is echter niet helemaal duidelijk of deze figuren daadwerkelijk draken en honden zijn. De hoofden van de figuren lijken nogal haan achtig, en ze lijken een kam te hebben en de streep onder hun kin zou een lel kunnen voorstellen. Dit zou kunnen betekenen dat hier in plaats van een draak een basilisk is afgebeeld. Deze wezens werden vaak afgebeeld als een combinatie van een slang en een haan. Basilisken werden beschouwd als kwaadaardige wezens, ze waren zo slecht dat alleen hun blik genoeg was om je te doden.[5] Dit zou ook de figuren kunnen verklaren die we voorheen als honden beschouwden. In de bestiarium wordt beschreven dat het enige wezen dat een basilisk kan doden een wezel is. In de meeste middeleeuwse kunst zien wezels er meer uit als honden of vossen.[6] Wat de mogelijkheid creëert dat de figuren geen honden zijn maar wezels. Dit zou de basilisk in evenwicht brengen, de verbinding tussen goed en kwaad zou nog sterker zijn dan die met de draak en de hond.

Desalniettemin, zelfs als de interpretatie van de basilisk en de wezel goed past, is de kans klein dat hier een wezel wordt afgebeeld. De figuren hebben geen lange staarten en hebben lange benen, daarnaast lijken ze een halsband om te hebben. Voor de symboliek verandert er echter niet veel of er nou een draak of een basilisk wordt afgebeeld het maakt weinig verschil. Zowel de basilisken als de draak hebben een connectie met de duivel en Satan en zowel de hond als de wezel zouden als hun positieve tegenbeelden kunnen worden beschouwd.

Maar helaas blijft het helaas niet meer dan speculatie wat deze dieren voorstellen en waarom ze werden gekozen om het koor te versieren.

BRONNEN

Afbeeldingen:

  1. “De Stad Zwolle.” De stad Zwolle | Gemeente Zwolle. https://www.zwolle.nl/vrije-tijd/kunst-en-cultuur/historie/de-stad-zwolle.
  2. “Revelation 12:9 ESV .” Biblia. https://biblia.com/bible/esv/revelation/12/9.
  3. Schrader, J. L. “A Medieval Bestiary.” The Metropolitan Museum of Art Bulletin 44, no. 1 (1986): 1–55. https://doi.org/10.2307/3258963.
  4. “Dog .” Medieval bestiary , January 16, 2011. http://bestiary.ca/beasts/beast181.htm.
  5. “Basilisk .” Medieval bestiary , January 16, 2011. http://bestiary.ca/beasts/beast265.htm
  6. “Weasel .” Medieval bestiary , January 16, 2011. http://bestiary.ca/beasts/beast150.htm

Koormuren – productie

Productie

De producent van de tegels is tegelfabriek Schillemans. De tegelfabriek Schillemans werd opgericht in 1856 en begon met ongeveer 25 arbeiders. Na 1860 ontwikkelde de fabriek een klantenkring in Brazilië, Havana en Oost-Indië, met deze verhoogde productie groeide de fabriek tot 40 arbeiders. In de jaren 1880 werden tegels nog met de hand gemaakt in Nederland, elke tegel werd individueel geperst en beschilderd. Dit is ook terug te zien in de productietijd van deze tegels; het duurde vier jaar 1882 tot 1886.[1] Omdat ze met de hand gemaakt waren en het productieproces veel tijd kostte waren de tegels duur, volgens het Catharijneconvent waren de kosten ƒ 13,50 per m2, voor een totaal van ƒ 2.196,25.[2] Vandaag lijkt dat misschien niet zo indrukwekkend, maar als je de inflatie berekend, zou de prijs vandaag meer dan € 29.000 zijn.[3] Een dergelijk vertoon van rijkdom was hoogstwaarschijnlijk bedoeld om de kerk status te geven.

Helaas is er over de productie van de Schillemans fabriek niet veel meer bekend. Wel is er een schilderij van Anthon van Rappard van de tegelschilders in de Ravensteyn tegelfabriek, dit was de tegel fabriek naast de Schillemans fabriek. Dit schilderij is gemaakt in 1884, in de tijd dat de Schillemans fabriek de tegels voor het koor produceerde (1882-1886).[4] Het is daarom aannemelijk dat deze tegels op dezelfde manier zijn beschilderd als op dit schilderij is afgebeeld.

Het gebruik van De Jan Schillemans tegel fabriek zou ook kunnen worden gezien als een manier om de status van de kerk te verhogen, Jan Schillemans was internationaal bekend.[5] Rond 1870 nam het Bernulphusgilde de fabriek op als nieuw lid. Dit leverde hen in de jaren daarna tientallen opdrachten op om tegels te maken voor het interieur van kerken ontworpen door architect Alfred Tepe. De kralensnoeren die in afbeelding te zien is, worden als typerend voor de stijl van Schillemans beschouwd, let op de kleine accenten om een ​​gevoel van diepte te creëren.[6]

Aan de samenwerking van Schillemans en Mengelberg is een humoristische anekdote verbonden. Schillemans wilde zijn werk signeren maar Mengelberg was hier tegen, alleen de naam van de ontwerper mocht aanwezig zijn. Schillemans meende dat dit de wereld op zijn kop was en signeerde daarom zijn werk met twee omgekeerde tegels.[7]

Een ander leuk feitje is dat, dezelfde tegels waren te vinden in de St. Bonifatiuskerk in Nieuwe Pekela, Groningen. Deze kerk is ontworpen door Tepe, zoals hierboven vermeld werkte hij samen met Schillemans en maakte deel uit van het Bernulphusgilde. Deze kerk is in 1989 gesloopt.[8]

BRONNEN

Afbeeldingen:

  1. Brochure Cultuurhistorie 13: Tegels in de twintigste eeuw. (Rijksdienst voor archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten, 2008) https://www.cultureelerfgoed.nl/publicaties/publicaties/2008/01/01/tegels-in-de-twintigste-eeuw
  2. “Wandtegels (Lambriseringen Koor En Transept).” Kerkcollectie Digitaal. Museum Catharijne Convent , July 18, 2018. https://kerkcollectie.catharijneconvent.nl/mediabank/detail?fq%5Bsearch_s_institution_acl%5D%5B%5D=10495%7CZwolle%2C+Onze+Lieve+Vrouw+ten+Hemelopneming&page=57&asset=d4668697-8c7e-ab95-828d-944ede3e1de6.
  3. Centraal Bureau voor de Statistiek. “Prijzen Toen En Nu.” Centraal Bureau voor de Statistiek, December 16, 2020. https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/prijzen-toen-en-nu
  4. “Historisch Theater .” St.Historische Kring Tolsteeg-Hoograven, November 1, 2015. http://hkth.nl/index.html.
  5. “Tegelbakkerijen.” Canon van Nederland. https://www.canonvannederland.nl/nl/utrecht/stad/industrie-langs-de-vaartse-rijn/verdieping/tegelbakkerijen.
  6. Sprangers, Peter. Decors van tegelbakkerij schillemans in utrecht, 1856-1893 in Utrechtse Tegels, 1600-1900. Utrecht: Uitgeverij Stili Novi, 2013
  7. “Wandtegels (Lambriseringen Koor En Transept).” Kerkcollectie Digitaal. Museum Catharijne Convent , July 18, 2018. https://kerkcollectie.catharijneconvent.nl/mediabank/detail?fq%5Bsearch_s_institution_acl%5D%5B%5D=10495%7CZwolle%2C+Onze+Lieve+Vrouw+ten+Hemelopneming&page=57&asset=d4668697-8c7e-ab95-828d-944ede3e1de6.
  8. “Wandtegels (Lambriseringen Koor En Transept).” Kerkcollectie Digitaal. Museum Catharijne Convent , July 18, 2018. https://kerkcollectie.catharijneconvent.nl/mediabank/detail?fq%5Bsearch_s_institution_acl%5D%5B%5D=10495%7CZwolle%2C+Onze+Lieve+Vrouw+ten+Hemelopneming&page=57&asset=d4668697-8c7e-ab95-828d-944ede3e1de6.

Koormuren

De muren van het koor

Als je in een Katolieke Kerk staat, zeker een met een neogotisch interieur zoals de Onze-Lieve-Vrouwe-Ten-Hemelopneming in Zwolle, is er heel veel te zien. Overal waar je kijkt zie je prachtige schilderijen, standbeelden en glas in lood ramen. Als je door de kerk loopt wordt je aandacht van het ene naar het andere getrokken, maar sommige dingen merk je niet zo snel op. Bijvoorbeeld de muren, muren zijn er niet voor gemaakt om je aandacht te trekken, maar ze zijn op de achtergrond van alle andere dingen die wel je aandacht trekken. Maar ook deze muren zijn interessant en hebben een verhaal te vertellen. Hier zal het verhaal van muren van het koor verteld worden. Het onderste gedeelte van de muren van het koor van de Onze-Lieve-Vrouwe-Ten-Hemelopneming is versierd met prachtige tegels. Maar wat is de betekenis van deze tegels en waarom zijn ze in zo’n prominente plek geplaatst?

Mirthe Schuurmans, 5 november 2021

Productie

Symboliek
Herkomst
Ontwerper & Opdracht..

Helaas is het zelfs aan het einde van dit artikel nog steeds niet duidelijk wat precies de betekenis is achter de wandtegels van het koor. Het kunnen draken zijn, het kunnen basilisken zijn of zelfs iets heel anders. Helaas hebben Mengelberg of de andere leden van het Bernulphusgilde hier nooit over geschreven. Desondanks is de kans zeer reëel dat Mengelberg zich direct of indirect heeft laten inspireren door de dierlijke ontwerpen van Perzische zijde. Maar ook al is er niet veel te zeggen over de iconografie, er is wel iets te zeggen over de effecten van deze tegels. Allereerst stralen ze status uit, ze zijn helder en kleurrijk en erg duur om te maken. Ze waren ook erg tijdrovend, omdat ze allemaal met de hand werden geschilderd, maar toch bijna identiek lijken. Daarnaast werden ze geproduceerd door de internationaal bekende tegelmaker Jan Schillemans en ontworpen door Friedrich Mengelberg, die ook behoorlijk naam voor zichzelf had gemaakt. Beiden maakten deel uit van het Bernulphusgilde waardoor de tegels nog meer naamsbekendheid kregen. Maar deze tegels hebben ook een ander effect. Hun plaatsing in de kerk is heel belangrijk. Door hun onderscheidende ontwerp in vergelijking met bijvoorbeeld de tegels van het transept kunnen ze een nog bijzonderdere plaats van het koor maken. Door hun gordijn achtige ontwerp scheiden ze de heilige ruimte van het koor af en omlijsten ze het ciborium altaar. Dus ook al kennen we de betekenis van deze tegels niet, je kunt toch genieten van hun effecten en schoonheid.

Processievaandel

Een processievaandel

Maria ten Hemelopneming

Cathelijne Bruining

Afbeelding 1

De Onze Lieve Vrouwe Basiliek te Zwolle heeft, zoals dit project aangeeft, een heel aantal waardevolle objecten in bezit. Dit vaandel is daar zeker een van. Het is gemaakt in 1905 en behoorde toe aan het Zwolsche Broederschap van Kevelaer, wat opgericht werd in 1780. De tekst op de achterkant leest: “Zwolsche Broederschap van Kevelaer 1780 = 1905”. Hoogstwaarschijnlijk is het vaandel gemaakt voor het 125-jarig bestaan van het broederschap.


Algemene gegevens

Naam: Processievaandel Maria ten Hemelopneming

Plaats: Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopneming, te Zwolle

Afmetingen: h. 180 cm, b. 105 cm

Vervaardigd in: 1905

Afbeelding 2

Het vaandel is gemaakt van rood velours. Maria staat centraal, ze is afgebeeld met een aureool van gouddraad, pailletten en kraaltjes. Ze staat op een wolk, haar handen zijn gevouwen en ze draagt een blauwe omhang met een rood gewaad daaronder. Naast haar hoofd zijn twee hoofden van engelen afgebeeld. De tekst langs de randen leest van links naar boven naar rechts Assumpta est / Maria in coelum / gaudent angeli. De eerste letter van elk woord is goud, de rest is rood. De tekst betekent ‘Maria wordt opgenomen in de hemel, de engelen verheugen zich’. Deze tekst is het begin van zowel een liturgische tekst, als van een lied, die horen bij Maria ten Hemelvaart, een belangrijke katholieke feestdag die gevierd wordt op 15 augustus. Aan de onderzijde zijn vijf afhangende panden te zien, afgezet met franje. De middelste drie lopen spits toe en zijn voorzien van lelies. Uit het hart van de bloem groeit een klein kruisje. De buitenste twee panden, rechthoekig aan de onderzijde, zijn ook van lelies voorzien. De witte lelie is een bloem die bij uitstek met Maria geassocieerd wordt, het benadrukt haar maagdelijkheid en haar zuiverheid.

Ontwerper & maker

Dit specifieke exemplaar, met de panden aan de onderkant, wordt met een Frans woord gonfalon genoemd.[2] Waarschijnlijk is het ontwerp van de afbeelding gemaakt door de architect Friedrich Wilhelm Mengelberg, die veel van het neogotische interieur van het kerkgebouw heeft ontworpen. Het ontwerp is uitgevoerd door Overman, in Zwolle.[3] Mengelberg was oorspronkelijk afkomstig uit Duitsland, uit Keulen. Voor de dom aldaar ontwierp hij ook vaandels, tussen 1897 en 1899.[4] Het vaandel stond oorspronkelijk voorin de kerk en was bevestigd aan een neogotische standaard. Tegenwoordig hangt het in de westkant van de kerk, aan de balustrade voor het orgel, naast een ander vaandel waarop Maria is afgebeeld.

Processies & Vaandels

Een processie is volgens Margry:

Een religieus ritueel, in plechtige optocht uitgevoerd door gelovigen, al of niet in combinatie met kerkelijke functionarissen en attributen, met als doel versterking van de godsvrucht, boetedoening en/of al een te richten dank- of smeekbede tot God of een heilige.[5]

Onder de attributen die bij een processie gebruikt worden vallen de processievaandels. Processievaandels zoals die in kerkelijke context gebruikt worden, zijn voortgekomen uit de militaire vaandels van de klassiek oudheid, een vexillum of labarum in het Latijn. Vaandels werden gebruikt bij optochten van legers. De middeleeuwen zien het gebruik van vaandels meer in de context van het feodale stelsel, als een heerserssymbool. Kruistochten zijn een goed voorbeeld van eerder gebruik van vaandels, we zien bijvoorbeeld vanaf de 12e eeuw de opkomst van heiligenvaandels. Belangrijk voor een processievaandel is dat het door een priester gezegend is.[6]

Omdat dit vaandel gemaakt is voor het broederschap, ter gebruik bij bijvoorbeeld de bedevaartprocessies in en naar Kevelaer, noemen we het ook wel een processievaandel. Voor de fysieke kenmerken van een processievaandel waren geen specifieke richtlijnen, omdat een vaandel strictu sensu geen liturgisch object is en dus niet gebruikt wordt tijdens de mis zelf.[7] Hierdoor waren er minder tot geen eisen waaraan het ontwerp moest voldoen. Peter Jan Margry stelt ook dat de vorm van het processievaandel door de eeuwen heen weinig veranderd is.[8] Wat betreft materiaalkeuze waren er geen strenge richtlijnen, maar omdat vaandels vaak vervaardigd werden in dezelfde ateliers waar ook de paramenten[9] vervaardigd werden, zijn ze vaak van zijde gemaakt en ook geborduurd.[10]

Vanwege de grotere vrijheid bij het ontwerpen van vaandels, konden de ontwerpateliers zich meer veroorloven in de zin van stijl en compositie. De Onze Lieve Vrouwe is een neogotische kerk, en dit vaandel kan ook gerekend worden tot deze stijl, met name omdat Mengelberg één van de invloedrijkste neogotische ontwerpers was in Nederland en Duitsland. Vaandelkunst werd door de minder strenge eisen een behapbare onderneming, en daarnaast ook minder arbeidsintensief door het relatief weinige borduurwerk in vergelijking met paramenten. Door de grootte van het werkvlak en het gebruik van een vaandel moest een krachtige compositie uitgedacht worden. Doordat de achtergrond van rood velours effen is, zonder versiering, staat Maria op dit vaandel centraal. De liturgische tekst uit het offertorium, wat ook een lied kan zijn, geeft meer context aan de afbeelding.

Tegenwoordige processies en gebruik van vaandels

In een processie wordt het vaandel gewoonlijk door een leek of door een acoliet gedragen.[11] Achter het vaandel lopen de mensen die tot de desbetreffende gemeenschap, parochie of, zoals bij ons vaandel, broederschap behoren. Een vaandel spreekt tot de verbeelding, het is een symbool voor een grote groep mensen en doordat het zichtbaar is voor zowel het publiek als de volgelingen, draagt het ook bij aan de identiteitsvorming van de mensen. Zoals Margry aankaart, is een publieke processie een van de effectievere manieren om een opvatting of boodschap naar buiten te brengen.[12]

Tot 1983 was het in Nederland niet toegestaan om in het openbaar processies te houden. Op 15 augustus 2007 werd in Zwolle, een overwegend protestantse stad, de eerste Mariaprocessie sinds eeuwen gehouden. Ook in 2008 en 2009 werd de processie gehouden, inclusief het hier besproken vaandel, het zilveren Mariabeeld dat in bezit is van de kerk, en verscheidene andere attributen.[13]

Processie-bedevaarten

In de Nederlanden en het Duitse rijk van de 17e en 18e eeuw groeiden de bedevaarten naar heiligdommen ter ere van Maria in populariteit. Deze bedevaarten werden meestal opgezet door particulieren of broederschappen die niet gelieerd waren aan de Kerk. Mede hierom, en ook omdat de groepen zich bij een bedevaart buiten eigen parochiegebied begaven en er dus geen controle was, stelde de kerk in de 17e eeuw regels in. Er was vanaf dat moment bisschoppelijke toestemming nodig voor een bedevaart en de leiding werd toevertrouwd aan de pastoor.[14]

De bedevaart naar Kevelaer

Afbeelding 3

Al sinds 1642 is Kevelaer één van de grootste bedevaartsoorden voor katholieken in Noord-Europa. Jaarlijks trekt de stad in Duitsland, ter hoogte van Venlo, een miljoen pelgrims. Vooral in de periode dat het katholieke geloof in Nederland niet openbaar gepraktiseerd mocht worden, functioneerde Kevelaer als belangrijke ontmoetingsplek voor Nederlandse katholieke gelovigen. In deze periode lag Kevelaer in het koninkrijk Pruisen, waar een grotere godsdienstvrijheid gold.

Het bedevaartsoord is gesticht door Hendrik Busman, in 1641. Hij zou vlak voor Kerstmis in dat jaar drie keer een stem hebben gehoord die zei dat hij in Kevelaer een kapel moest bouwen. Om deze reden spaarde hij geld, maar hij was bang voor de reactie van zijn vrouw, dus hield hij het voor haar geheim. Zij, echter, kreeg in de periode voor Pinksteren een visioen waarin zij een kappelletje zag, waarin een print van Maria Consolatrix Afflictorum aanwezig was. Dit verhaal werd door twee soldaten bevestigd, die het huis badend in het licht gezien hadden. Nog eens bevestigd werden de visioenen door het feit dat de vrouw van Hendrik een paar dagen eerder geweigerd had om twee kopergravures van dezelfde Maria te kopen, omdat ze die te duur vond. Direct na de stichting van de kapel vonden er wonderbaarlijke genezingen plaats in Kevelaer en omtrek. In 1654 werd het oorspronkelijke kappelletje vervangen door de huidige Gnadenkapelle, waarin de print nog steeds te vinden is.

In de 16e en 17e eeuw werd de regionaal georiënteerde bedevaart belangrijk, mede omdat het katholieke geloof niet in het openbaar gepraktiseerd mocht worden. De opkomst van nieuwe broederschappen maakte het op bedevaart gaan in een groepsverband makkelijker, waar dat eerder voor veel mensen niet mogelijk was.[15] De bedevaart was, zeker in de beginperiode van Kevelaer, een hele onderneming. De voettocht vanuit Zwolle nam acht (!) dagen in beslag. Vandaag de dag worden er bussen geregeld die de bedevaartgangers in een paar uur naar Kevelaer brengen.

Afbeelding 4

Ook nu nog wordt elk jaar een bedevaart georganiseerd vanuit Zwolle en omstreken. Vanaf het oprichtingsjaar 1780 wordt deze tocht georganiseerd door het broederschap. Op de website van het broederschap is het thema van het jaar 2019 te lezen: ‘Naar wie zouden wij gaan?’, uit Johannes 6:68. Een korte uitleg daaronder:

We mogen ons daarbij de vraag stellen: waarheen is mijn weg bij alle dingen die om ons heen gebeuren? In Kevelaer is Maria een lichtpunt voor mensen die op zoek zijn naar troost en houvast. De “Troosteres der Bedroefden”. Het programma biedt gezamenlijke vieringen, we lopen en bidden de Kruisweg en er is een lichtprocessie. Maar ook de ontmoetingen zijn belangrijk tijdens de maaltijden en de avond.[16]

Ter Afsluiting

Het broederschap speelt, samen met het vaandel en de jaarlijkse bedevaart, een rol bij de identiteitsvorming en identificatie met Maria voor de parochianen in Zwolle en omstreken. De Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopneming is in het bezit van meerdere processieattributen, die dit identiteitsgevoel nog versterken. Men denke aan een ketting ter ere van het tachtigjarige bestaan van het broederschap, processiestaven en -kruizen, en meerdere vaandels. Het eerdergenoemde zilveren Mariabeeld is een topstuk, ingelegd met edelstenen. Hoewel deze objecten een verschillende symbolische waarde hebben, worden ze in de eerste plaats gebruikt ter ondersteuning van het devotionele karakter van een processie.

Het verbod op processies werd in Nederland pas in 1983 werd opgeheven. De bedevaarten, echter, zijn eigenlijk nooit weggeweest uit het Nederlandse katholieke geloofsleven. Tegenwoordig wordt er door het broederschap nog elk jaar een bedevaart naar Kevelaer georganiseerd en wordt er op 15 augustus – op Maria Hemelvaart – een processie gehouden in Zwolle en wordt dit vaandel daarbij gebruikt. Waar de gelovigen vroeger naar Kevelaer vertrokken omdat ze in Nederland geen processies mochten houden, blijven de mensen nu dichter bij huis, hoewel de bedevaart naar Kevelaer nog steeds georganiseerd wordt. Het is mooi om te zien dat in 2019, in een seculiere samenleving, dergelijke gebruiken en rituelen met alle bijbehorende attributen nog steeds een kenmerk zijn van de Onze Lieve Vrouwe parochie.

Noten & Bronnen

Noten

[1] Catharijne Convent, Kerkcollectie Digitaal.

[2] P.J. Margry, Teedere Quaesties: religieuze rituelen in conflict. (Hilversum: Verloren, 2000), 63.

[3] Paul van der Vegte, in een email naar de auteur, 23 oktober 2019.

[4] M. Van Roon, “Goud, Zilver & Zijde: katholiek textiel in Nederland 1830-1965” (PhD diss., Universiteit Leiden, 2010), 139.

[5] Margry, Teedere Quaesties, 34.

[6] Margry, “Teedere Quaesties”, 62-63.

[7] Van Roon, “Goud, Zilver & Zijde”, 207.

[8] Margry, “Teedere Quaesties”, 62.

[9] Onder paramenten worden kazuifels, koorkappen en andere liturgisch textiel verstaan. Vaandels horen hier officieel dus niet bij omdat ze niet bij de liturgie gebruikt worden, maar in de regel worden ze hier wel onder verstaan. Zie Van Roon, “Goud, Zilver & Zijde,” 19.

[10] Van Roon, “Goud, Zilver & Zijde,” 22.

[11] Hoeveel vaandels er mee gingen en hoe zij eruitzagen, is niet bekend. Zie ook Margry, Teedere Quaesties, 121.

[12] Margry, Teedere Quaesties, 40.

[13] H. van Eijsden, “Derde Mariaprocessie trekt weer meer processiegangers.” Weblog Zwolle, 15 augustus 2009.

[14] Margry, Teedere Quaesties, 56-57.

[15] Margry, “Teedere Quaesties”, 56-58.

[16] Kevelaer Broederschap Zwolle e.o.

Boeken

Bach, H. en T. Waterreus. Verum, Pulchrum et Bonum. Zwolle: Parochie Thomas a Kempis – Locatie Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopneming, 2010.

Brandhof, van den M. Vlaggen, vaandels & standaarden van het Rijksmuseum te Amsterdam. Amsterdam: Rijksmuseum, 1977.

Erdmann, C., W.A. Goffart, M.W. Baldwin. The Origin of the Idea of Crusade: Foreword and Additional Notes by Marshall W. Baldwin. Princeton: Princeton University Press, 2019.

Jensen, R. Weit Offene Augen: Pilgern Gestern Und Heute. Gottingen: Vandenhoeck & Ruprecht, 2018.

Margry, P.J. Teedere Quaesties: religieuze rituelen in conflict. Hilversum: Verloren, 2000.

Roon, van M. Goud, Zilver en Zijde: katholiek textiel in Nederland 1830-1965. PhD diss., Universiteit Leiden, 2010.

Verspaandonk, J.A.J.M. Het Hemels Prentenboek: devotie- en bidprentjes vanaf de 17e eeuw tot het begin van de 20e eeuw. Hilversum: Gooi en Sticht, 1975.

Wingens, M. “De Nederlandse Mariale bedevaart (ca. 1600-1800). Van een instrumentele naar een spirituele benadering van het heilige.” Trajecta 2, (1992): p. 168-86.

Online bronnen

Eijsden, van H. “Derde Mariaprocessie trekt weer meer processiegangers.” Weblog Zwolle, 15 augustus 2009. Geraadpleegd op 24-10-19. https://www.weblogzwolle.nl/nieuws/12963/derde-mariaprocessie-trekt-weer-meer-processiegangers.html.

Huygens ING. “Rooms-katholieke religieuze broederschappen in Nederland in de 19e eeuw.” Geraadpleegd op 15-10-19. http://resources.huygens.knaw.nl/broederschappen/gids/vereniging/3988775294.

Kevelaer Broederschap te Zwolle, geraadpleegd op 15-10-19. https://www.broederschap-kevelaer-zwolle-eo.nl/.

Margry, P.J. en C. Caspers. Een classificatie van bedevaartplaatsen in Nederland.” Meertens Instituut, geraadpleegd op 24-10-19. https://www.meertens.knaw.nl/bedevaart/bol/achtergrond_cultuur.

RTV Focus Zwolle. “Documentaire over de bedevaart naar Kevelaer.” RTV Focus TV Zwolle, 8 november 2017. Geraadpleegd op 15-10-19. https://www.rtvfocuszwolle.nl/documentaire-bedevaart-naar-kevelaer/amp/.

Trouw. “Katholieken mogen weer gezien worden in Zwolle.” Trouw, 10 augustus 2007. Geraadpleegd op 24-10-19. https://www.trouw.nl/nieuws/katholieken-mogen-weer-gezien-worden-in-zwolle~b28ea8d5/.

Afbeeldingen

Header: eigen foto.

Afb. 1: Kerkcollectie Digitaal, Museum Catharijne Convent.

Afb. 2: Gemaakt door Harry Plantinga. https://www.weblogzwolle.nl/nieuws/36346/bijzondere-processie-maria-ten-hemelopneming.html.

Afb. 3: Onbekend, copyrightvrij.

Afb. 4: Gemaakt door Harry Plantinga. https://www.weblogzwolle.nl/nieuws/36346/bijzondere-processie-maria-ten-hemelopneming.html.

Doopvont

foto: Armand de Satoor De Rootas

Het sacrament van de Doop (door onderdompeling of begieting) betekent binnengaan in de Christelijke gemeenschap, die Kerk genoemd wordt. Het doopwater wordt gewijd in de heilige
Paasnacht en in de vont gegoten. Om het doopwater schoon te houden is de vont afgesloten met een deksel. Daarop zijn de vier Paradijsstromen gegraveerd: ‘Eufphraat — Phison — Gehon — Tigris’.

Ontwerp doopvont: Friedrich Wilhelm Mengelberg 1871; uitvoering ontwerp vont: Pisa en deksel: Gerard Brom, Utrecht ‘ 1872. Bij de ingang van de basiliek bevinden zich ook
wijwaterbakken. Met wijwater bekruist de kerkganger zich, ten teken, dat hij/zij zich van het stof van het alledaagse leven ontdoet om Christus toegewijd te zijn.